Over secundaire victimisatie en de vergeten verantwoordelijkheid van organisaties
In een organisatie werd grensoverschrijdend gedrag gemeld.
Moedig.
Kwetsbaar.
Nodig.
Na onderzoek werd de betrokken persoon ontslagen.
De organisatie handelde. Er werd niet weggekeken.
En toch liep het daarna mis.
Collega’s worstelden met wat er gebeurd was.
Er ontstonden gesprekken, meningen, spanningen.
Maar opvallend genoeg richtte de boosheid zich niet op het gedrag.
Wel op de melders.
- “Zo erg was het toch niet.”
- “Hij zou dat bij mij nooit doen.”
- “Door hen is hij zijn job kwijt.”
De sfeer veranderde.
Blikken werden anders.
De veiligheid zakte.
Twee vrouwen namen uiteindelijk ontslag.
Eén bleef… maar voelde zich alleen en ongelukkig.
Dit noemen we secundaire victimisatie:
de tweede klap komt niet van het incident zelf, maar van de omgeving.
Wat wél gebeurde
De organisatie zocht nadien ondersteuning.
Er werden sensibilisatiesessies georganiseerd.
Er werd stilgestaan bij grenzen en gedrag.
Dat is belangrijk. En ook moedig.
Maar tegelijk ontbrak er iets essentieels.
Er was geen intensieve begeleiding van het team.
Geen ruimte om stil te staan bij wat er onder de oppervlakte speelde:
- loyaliteit naar de collega die vertrok
- boosheid en verwarring
- rouw om wat verloren ging
- polarisatie binnen het team
Ook de opvolging van de slachtoffers binnen de groepsdynamiek bleef beperkt.
En net daar zit vaak het verschil.
Een team is geen juridische procedure
Een onderzoek en een sanctie zijn noodzakelijk.
Maar ze herstellen geen cultuur.
Een team is geen dossier dat je kan afsluiten.
Het is een levend systeem.
In dat systeem spelen:
- loyaliteiten
- onderlinge afhankelijkheden
- oude patronen
- en de neiging om het evenwicht te herstellen
Wanneer dat proces niet begeleid wordt, verschuift de spanning.
En helaas komt die vaak terecht bij degene die gesproken heeft.
Nazorg is relationeel werk
Nazorg is geen eenmalige infosessie.
Het is geen checklist die je afvinkt.
Het is relationeel werk.
Het vraagt:
- tijd
- veilige gespreksruimtes
- begeleiding die de onderstroom zichtbaar maakt
- leiderschap dat blijft staan, ook wanneer het schuurt
Want zo wordt het verschil gemaakt tussen “we hebben opgetreden” en “we hebben veiligheid hersteld”.
De moeilijke waarheid
Wat het meest raakt in dit soort situaties?
Dat mensen spijt krijgen dat ze gesproken hebben.
Dat is een alarmsignaal.
Wanneer iemand die een grens benoemt zich nadien onveiliger voelt dan ervoor, dan weten we dat er nog werk is.
Niet vanuit schuld.
Wel vanuit verantwoordelijkheid.
Veiligheid stopt niet bij optreden.
Ze begint daar.
Hoe zorg je als organisatie dat iemand die spreekt, nadien gedragen wordt door het systeem?
Dat vraagt meer dan beleid.
Het vraagt begeleiding.
En vooral: de moed om ook het tweede proces ernstig te nemen.
Ik ben Sharon Van Asbroeck, oprichter van Feel Connected, preventieadviseur psychosociaal welzijn, trainer en bemiddelaar.
Met Feel Connected begeleiden we organisaties in het omgaan met grensoverschrijdend gedrag, met aandacht voor zowel interventie als nazorg. Omdat echte veiligheid pas ontstaat wanneer ook de onderstroom gezien en gedragen wordt.
Wil je hierover eens sparren?
We denken graag met je mee:
https://calendly.com/feelconnected/kennismaking-organisatie